|
Verloskundigen praktijk Kristin Coeck en Els van der Meulen
|
|
Helaas eindigt een zwangerschap soms in een miskraam. In dit deel van de site geven wij hier informatie over. Beschreven wordt wat een vroege miskraam is, wat de oorzaak is, hoe groot de kans op een miskraam is, en wat de verschijnselen zijn. Mogelijke onderzoeken en behandelingen komen aan bod, evenals het herstel na een miskraam. Ook andere oorzaken van bloedverlies in de eerste maanden van de zwangerschap komen ter sprake. Aan het einde vind je onder andere een verklarende woordenlijst.
Bel ons gerust als je je zorgen maakt: 06-41482778 (Dit geldt vanzelfsprekend voor zwangeren woonachtig in ons praktijkgebied Udenhout, Oisterwijk, Berkel-Enschot, Biezenmortel en direkte omgeving. Is dit voor jou niet van toepassing dan adviseren wij je om contact op te nemen met een dienstverlenenr in je nabije omgeving)
Een miskraam is het verlies van een niet-levensvatbare vrucht. Een miskraam
in de eerste twee tot vier maanden van de zwangerschap noemt men een vroege
miskraam. Een van de eerste verschijnselen is dikwijls vaginaal bloedverlies.
Men spreekt dan van een dreigende
miskraam. Slechts in de helft van de situaties treedt werkelijk een miskraam op;
in de overige gevallen heeft het bloedverlies een andere oorzaak. Hierop gaan we
later in. De medische term voor een miskraam is spontane abortus. Voor het
afbreken van een ongewenste zwangerschap gebruikt men de term abortus provocatus.
De term missed abortion gebruiken artsen en verloskundigen voor de situatie
waarin een niet-levensvatbare vrucht nog niet uit zichzelf naar buiten is
gekomen.
De oorzaak van een vroege miskraam is bijna altijd een aanlegstoornis. Het vruchtje is niet in orde, en de natuur vindt als het ware een logische oplossing: het groeit niet verder en het lichaam stoot het af. Een zwangerschap bestaat uit een vruchtzak en een embryo. Het embryo ontwikkelt zich bij een normale zwangerschap tot een kind. Bij een miskraam is vaak alleen de vruchtzak aangelegd, zonder embryo. Het soms gebruikte woord ‘windei' is feitelijk onjuist: er is wel degelijk een embryo in aanleg, maar heel vroeg is er iets misgegaan. Het embryo komt dan niet tot ontwikkeling of groeit niet verder door een gestoorde aanleg. De oorzaak is meestal een chromosoomafwijking die bij de bevruchting is ontstaan. In de regel gaat het hier niet om erfelijke afwijkingen, zodat er geen gevolgen zijn voor een volgende zwangerschap. Een eerste miskraam is geen reden voor nader onderzoek; dat adviseren artsen pas na meerdere miskramen. Ook dan levert onderzoek bij het overgrote deel van de vrouwen slechts zelden een duidelijke verklaring voor de miskramen op. Meer informatie vind je in de NVOG-folder Herhaalde miskraam.
Vroege miskramen komen betrekkelijk vaak voor: bij tenminste één op de tien
zwangerschappen is er sprake van. Dit betekent dat in Nederland jaarlijks 20.000
vrouwen een miskraam meemaken. Naar schatting krijgt een kwart van alle vrouwen
ooit met dit probleem te maken. De kans op een miskraam neemt toe met de
leeftijd. Voor vrouwen beneden de vijfendertig jaar is de kans dat een
zwangerschap in een miskraam eindigt, ongeveer 1 op 10. Tussen de vijfendertig
en veertig jaar eindigt 1 op de 5 tot 6 zwangerschappen in een miskraam, en
tussen de veertig en
Als je opnieuw zwanger wil worden, is het verstandig zo gezond mogelijk te leven. Dat betekent gezond en gevarieerd eten, niet overmatig drinken, niet roken, en geen medicijnen innemen zonder overleg. Toch is het niet mogelijk een miskraam met zekerheid te voorkomen, ook als je je aan deze regels houdt. Voor elke vrouw die (opnieuw) zwanger wil worden, luidt het advies om dagelijks een tablet foliumzuur van 0,4 mg te gebruiken. Mocht je voorafgaand aan de miskraam geen foliumzuur gebruikt hebben, dan hoef je je daar niet schuldig over te voelen. Foliumzuur vermindert niet de kans op een miskraam, maar wel de kans op een kind met een open rug.
Zwangerschapsverschijnselen zoals gespannen borsten en ochtendmisselijkheid nemen soms af vlak voor een miskraam. Vaginaal bloedverlies en soms wat menstruatie-achtige pijn bij een jonge zwangerschap kunnen het eerste teken zijn van een dreigende miskraam. Bij de helft van de vrouwen met bloedverlies of wat buikpijn is er gelukkig niets mis en verloopt de zwangerschap verder ongestoord. Ook hoef je niet bang te zijn voor aangeboren afwijkingen of andere complicaties.
Bloedverlies in het begin van de zwangerschap duidt niet altijd op een miskraam.
Zo kan er een
afwijking zijn van de baarmoedermond, bijvoorbeeld een poliep of een ontsteking,
waardoor de
baarmoedermond gemakkelijk bloedt. Bloedverlies komt dan vooral voor na
gemeenschap of na
(harde) ontlasting.
Een veel minder vaak voorkomende oorzaak van bloedverlies is een
buitenbaarmoederlijke
zwangerschap. De zwangerschap is dan niet in, maar buiten de baarmoeder
ingenesteld, meestal in
de eileider. De medische term voor een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is extra-uteriene
graviditeit, vaak afgekort als EUG. De kans op een EUG is verhoogd na een
eileiderontsteking of een
operatie aan de eileiders. Ook een zwangerschap bij een nog aanwezig spiraaltje
of na een sterilisatie
kan buitenbaarmoederlijk zijn. Bij een buitenbaarmoederlijke zwangerschap treedt
nogal eens vrij
hevige buikpijn op. Meer informatie vind je in de NVOG-folder
Buitenbaarmoederlijke
zwangerschap.
Bij bloedverlies vroeg in de zwangerschap onderzoekt de arts of verloskundige vaak met behulp van een spreider (speculum) de baarmoedermond. Ook een inwendig (vaginaal) onderzoek is mogelijk: via de vagina worden baarmoeder en eierstokken afgetast. Echoscopisch onderzoek kan duidelijk maken of de zwangerschap nog intact is. Geluidsgolven geven een afbeelding van de zwangere baarmoeder. Meestal is te zien of het hartje klopt. De kans op een miskraam is dan zeer klein, maar niet uitgesloten. Een lege vruchtzak of een niet-levend embryo zonder hartactie zijn met echoscopie betrouwbaar te zien. Ben je minder dan twee weken over tijd, dan geeft het onderzoek soms nog geen duidelijkheid; herhaling één tot twee weken later maakt dan wel duidelijk of het hartje klopt. Bedenk dat echoscopisch onderzoek niets verandert aan de uitkomst van de zwangerschap. Een miskraam is een veel voorkomend en ook natuurlijk verschijnsel. Huisartsen en verloskundigen nemen daarom over het algemeen een afwachtende houding aan. Als het mis gaat, wordt dat vanzelf duidelijk. Medisch onderzoek en behandeling lijken wel een bepaalde zekerheid te bieden, maar doen dat niet altijd.
Omdat een aanlegstoornis van de zwangerschap of het afsterven van de vrucht de oorzaak is van een miskraam, is behandeling nooit mogelijk. Medicijnen of maatregelen zoals bedrust of stoppen met werken zijn dan ook zinloos. Hoewel een behandeling ontbreekt, bestaat er wel een keuze tussen twee manieren waarop de miskraam kan plaatsvinden:
De keuze is een kwestie van persoonlijke voorkeur. Beide benaderingen hebben voor- en nadelen. We beschrijven ze hieronder, en je kan ze ook met ons of met je arts bespreken. Je bepaalt zelf wat het beste bij jou past. Ook is altijd een tussenoplossing mogelijk, zoals een tijdje afwachten, en als het te lang duurt, alsnog een curettage.
Bloedverlies in de tweede of derde maand van de zwangerschap is vaak het
eerste teken van een miskraam. Meestal komt een miskraam na dit eerste
bloedverlies binnen een aantal dagen op gang, maar soms duurt dit nog een week
of zelfs een paar weken. Geleidelijk ontstaat krampende pijn in de baarmoeder en
neemt het bloedverlies toe, zoals bij een hevige menstruatie. In de loop van
enkele uren wordt de vruchtzak nu uit de baarmoeder gedreven. De miskraam heeft
dan plaatsgevonden. De vruchtzak is herkenbaar als een met vocht gevuld blaasje
met een vliezig omhulsel dat gedeeltelijk met roze vlokken is bekleed. Vaak
komen ook bloedstolsels vrij, die meer donkerrood en glad zijn.
Een curettage is een kleine ingreep. De gynaecoloog zuigt de baarmoederholte
via de vagina door een dun slangetje (vacuümcurette) leeg of maakt deze met een
curette (een soort lepeltje) schoon. De ingreep duurt ongeveer 5-10 minuten en
gebeurt in de meeste ziekenhuizen in dagbehandeling. Vaak geeft men een korte
narcose; je merkt dan niets van de ingreep. In sommige ziekenhuizen is het
mogelijk te kiezen voor een plaatselijke verdoving: via de vagina verdooft de
gynaecoloog de baarmoedermond met een paar injecties. Vaak krijg je ook een
rustgevend middel. Je bent hierdoor wat slaperig en suf tijdens de ingreep. Je
voelt wel wat pijn, maar deze is over het algemeen goed te verdragen als de
ingreep kort duurt. De gynaecoloog kan je informatie geven over voor- en nadelen
van narcose en plaatselijke verdoving, en vertellen welke mogelijkheden in het
ziekenhuis aanwezig zijn.
Soms adviseren artsen om na een miskraam anti-D-immunoglobuline (anti-D) toe
te dienen aan vrouwen met een rhesus-negatieve bloedgroep. Op deze manier is het
mogelijk het ontstaan van rhesus-antistoffen te voorkomen. Deze antistoffen
kunnen in een volgende zwangerschap problemen
Het is verstandig om in de volgende situaties de arts of verloskundige te waarschuwen:
Als het bloedverlies erg ruim is (langdurig veel meer dan een forse menstruatie), kan dit gevaarlijk zijn. Zeker bij klachten van sterretjes zien of flauwvallen moet u direct medische hulp inroepen.
Als na een spontane miskraam of curettage krampende pijn en/of zeer fors bloedverlies blijft bestaan, wijst dit op een incomplete miskraam. Er is dan nog een rest van de zwangerschap in de baarmoeder aanwezig. Een (nieuwe) curettage is dan meestal noodzakelijk.
Koorts (temperatuur >38 graad C) tijdens of kort na een miskraam wijst meestal op een ontsteking in de baarmoeder, die behandeld moet worden. Neem dan contact op met ons of met de arts.
Als je ongerust bent over het verloop van de miskraam, kan je altijd contact opnemen met ons of je arts.
Het lichamelijk herstel na een spontane miskraam of een curettage is meestal
vlot. Gedurende één tot twee weken bestaat vaak nog wat bloedverlies en bruinige
afscheiding. Het is verstandig met gemeenschap (samenleving) te wachten tot het
bloedverlies voorbij is. Hierna is het lichaam voldoende hersteld om weer
opnieuw zwanger te worden. Het zwanger worden op zich wordt door een miskraam
niet bemoeilijkt. Ook is het uit medisch oogpunt niet noodzakelijk een aantal
maanden te wachten met opnieuw zwanger te worden. Vrouwen die na een miskraam opnieuw zwanger worden, zijn daar meestal blij mee, maar voelen zich vaak de eerste tijd ook onzeker en bang: zal het opnieuw mis gaan? Sommigen willen daarom de omgeving nog niet direct van de zwangerschap op de hoogte stellen. Gelukkig verloopt een volgende zwangerschap meestal goed, ook bij vrouwen die meer dan één miskraam hebben doorgemaakt.
Er bestaat geen landelijke hulporganisatie die zich speciaal richt op vrouwen die een miskraam doormaakten. Niettemin kan een aantal (plaatselijke) instanties behulpzaam zijn bij het beantwoorden van vragen en bij het zoeken van hulp en steun in de woonomgeving:
abortus incompletus een niet-complete miskraam,
waarbij de zwangerschap niet in zijn geheel naar buiten komt Bronvermelding: folder "een miskraam of bloedverlies in de eerste maanden van de zwangerschap" van de Nederlandse vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG). |